12 okt. 2010

Het kabinet Rutte ziet er als volgt uit.

OM: aangevers niet-ontvankelijk

Algemene Zaken: minister-president Mark Rutte (VVD)

Economische Zaken, Landbouw en Innovatie: minister Maxime Verhagen (CDA; tevens vicepremier), staatssecretaris Henk Bleker (CDA)

Financiën: minister Jan Kees de Jager (CDA), staatssecretaris Frans Weekers (VVD)

Sociale Zaken en Werkgelegenheid: minister Henk Kamp (VVD), staatssecretaris Paul de Krom (VVD)

Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties: minister Piet Hein Donner (CDA)

Immigratie en Asiel: minister Gerd Leers (CDA)

Buitenlandse Zaken: minister Uri Rosenthal (VVD), staatssecretaris Ben Knapen (CDA)

Defensie: minister Hans Hillen (CDA)

Veiligheid en Justitie: minister Ivo Opstelten (VVD), staatssecretaris Fred Teeven (VVD)

Infrastructuur en Milieu: minister Melanie Schultz van Haegen (VVD), staatssecretaris Joop Atsma (CDA)

Volksgezondheid, Welzijn en Sport: minister Edith Schippers (VVD), staatssecretaris Marlies Veldhuijzen van Zanten (CDA)

Onderwijs, Cultuur en Wetenschappen: minister Marja van Bijsterveldt (CDA), staatssecretaris Halbe Zijlstra (VVD)

Nieuwe kerncentrale onhaalbaar, dus de oude blijft todat ie ploft

Philippsburg, de laatste kerncentrale die nog in vijf jaar gebouwd kon worden (1979-1984)
Niet het nieuwe kabinet, maar pas een volgende regering kan een besluit nemen over de bouw van een nieuwe kerncentrale in het Zeeuwse Borssele. Dat blijkt uit een memo van het Ministerie van VROM. Daarin staat dat een vergunning voor een nieuwe kerncentrale pas op zijn vroegst eind 2016 kan worden verleend. Dat staat haaks op het plan van Rutte, om al in de komende jaren een besluit te nemen, al is een besluit nemen wel veel makkelijker dan een vergunning verlenen.
Het nieuwe kabinet Rutte/Verhagen is de initiatiefnemer van de bouw van een nieuwe kerncentrale goed gezind, want in het regeerakkoord staat dat de aanvragen van vergunningen die voldoen aan de vereisten worden ingewilligd. Uit de VROM-notitie blijkt dat dit niet gaat lukken. Pas eind 2016, begin 2017 kan een vergunning worden afgegeven, dus na de regeerperiode van het kabinet Rutte.
De lange periode die ervoor wordt uitgetrokken is het gevolg van de vele procedures die doorlopen moeten worden, mede in verband met de toegenomen eis van veiligheid. En het zijn juist de procedures die de vertraging veroorzaken en de bouw van de kerncentrale in de regeerperiode van het nieuwe kabinet in gevaar brengen.

Planning onrealistisch
De tijd die het ministerie nodig denkt de hebben komt niet overeen met die van de twee bedrijven die aan hebben gegeven een nieuwe kerncentrale te willen bouwen. Het Zeeuwse energiebedrijf Delta denkt dat de regering al in 2013 een vergunning kan afgeven, bijvoorbeeld door toetsing aan milieu- en veiligheidseisen achterwege te laten. Dat lijkt met de huidige wet- en regelgeving onhaalbaar. 'De planning van Delta is volstrekt onrealistisch, zo staat er letterlijk in de notitie van VROM die op het hoogste ambtelijke niveau circuleert. Een vergunning afgeven lukt pas eind 2016, begin 2017. Rekening houdend met een bouwtijd van zeker vijf jaar kan een nieuwe kerncentrale dus pas op zijn vroegst begin 2022 aan het elektriciteitsnet worden gekoppeld.' Een meer realistische schatting is 30 jaar voor ontwikkeling, toetsing en bouw van een eerste nieuwe terreurbestendige centrale voor betaalbaar grondstofverbruik en met het incalculeren van de kosten van afvalverwerking wordt de energieprijs aanzienlijk hoger dan die van veilige en duurzame energie zonder afvalprobleem die op veel kortere termijn beschikbaar kan komen.
Bij de huidige stand van zaken is de prijs van conventionele kernenergie gelijk aan de gemiddelde prijs van duurzame energie terwijl de duurzame energie door technologische ontwikkeling en opschaling lager wordt stijgt de prijs van kernenergie aanzienlijk eveneens door technologische ontwikkeling en het inzicht dat met de opwekking van energie het kernenergieverhaal nog niet klaar is. Valt er een middelgroot passagiersvliegtuig op Borsele dan is Zeeland, West-Brabant en half Zuid-Holland (inclusief de agglomeratie Rotterdam) voor enige duizenden jaren ontvolkt, Antwerpen onbereikbaar en de stranden radio-actief. Dat moet je wel meerekenen in de begroting voor een kerncentrale die niet zelfdovend en dus niet tegen terreur bestand is. Het laat zich aanzien dat het bedrijf Delta deze kosten nog niet geheel op een rijtje heeft.

Demissionair minister Maria van der Hoeven (CDA, Economische Zaken) heeft een wet die groene stroom op het hoogspanningsnet voorrang moet geven op grijze stroom weer ingetrokken. Daarmee zet ze een streep door een van de belangrijkste 'groene' wetswijzigingen van het demissionaire kabinet.

Van der Hoeven trekt een van de meest ambitieuze groene wetsvoorstellen weer in Van der Hoeven trekt een van de meest ambitieuze groene wetsvoorstellen weer in

In een brief aan de Eerste Kamer stelt Van der Hoeven dat ze aanleiding ziet voor een 'inhoudelijke heroverweging' van het wetsvoorstel, omdat er twijfel is over de Europese richtlijnen, meldt de Volkskrant.

Onderzoekers teleurgesteld over Duitse energiepolitiek



De meest vooraanstaande onderzoekers op het gebied van hernieuwbare energiebronnen in Duitsland zijn teleurgesteld door het eind september goedgekeurde energieplan van de federale regering. "Te timide," aldus Wolfgang Eberhard, hoogleraar en directeur van het Helmholtz-Zentrum in Berlijn voor materialen en energie, op maandag tijdens een persconferentie in Berlin-Friedrichshain, in aanwezigheid van vier andere instituutshoofden. De aanleiding was de oprichting, 20 jaar geleden, van de Renewable Energy Research Association (FVEE), op dat moment nog de Solar Energy Research Association. De organisatie vertegenwoordigt 1.800 medewerkers in elf instellingen en ongeveer 80 procent van de capaciteit der buitenuniversitaire onderzoeksinstellingen te velde in Duitsland.
Op hun jubileumvergadering, bespraken de onderzoekers vragen ten aanzien van de voorwaarden waaronder een volledig duurzame energievoorziening mogelijk is - niet alleen de elektriciteit, maar ook voor warmte en transport. Een conclusie die het verbond in de zomer heeft vastgelegd in een gezamenlijke studie en voorgelegd aan de regering luidt: “een dergelijke energievoorziening is in 2050 mogelijk en betaalbaar”.
De regering heeft echter voor de lange termijnaanpak gekozen, gebaseerd op een rapport van drie instellingen die zeer kritisch tegenover duurzame energie staan. Dus de overheid verwacht nu dat in 2050 slechts ongeveer 60 procent van de elektriciteit met wind, zon, biomassa en geothermische energie kan worden opgewekt. Dus 40 procent van de elektriciteit zou over 40 jaar, nog steeds met behulp van fossiele brandstoffen worden geproduceerd.
“Dat zou niet alleen ecologisch maar ook economisch onverstandig zijn”, zei Frithjof Staiß, hoogleraar en directeur van het Centrum voor Zonne-energie- en Waterstofonderzoek (ZSW) in Stuttgart. Zelfs nu geeft de Bondsrepubliek Duitsland ongeveer 60 miljard euro per jaar uit aan invoer van energie en in 2050 zou dit bedrag kunnen zijn verdubbeld als de energieprijzen gestegen zijn. De kosten van de grondstoffen zijn in het algemeen, veel moeilijker te voorspellen dan die voor de uitbreiding van duurzame energiewinning. "Dat kunnen we goed duidelijk maken." Momenteel, zou de wereld ongeveer 130 miljard euro per jaar investeren in technologieën voor hernieuwbare energie. Het aandeel van de Duitse bedrijven ligt op ongeveer een kwart daarvan, schatte Staiß. Ondertussen bedraagt de werkgelegenheid in de sector, ongeveer 340.000 mensen in Duitsland. "In de toekomst kunnen dat er tweemaal zoveel worden," zei hij.
De onderzoekers bekritiseerden op diverse gronden de productieverlenging van kerncentrales en geloofden niet aan enig voordeel daarvan. De kanselier en haar ministers hebben herhaaldelijk benadrukt dat met de extra winst van de nucleaire bedrijven, vooral hernieuwbare energie moet worden onderzocht. Een groot deel van het geld moet worden besteed aan CCS, CO2-opslag-technologie, aldus de onderzoekers.
Ook werd gewezen op de technische hindernissen voor een volledig duurzame economie en samenleving. "Het wordt vooral in het verkeer lastig," zei professor Jürgen Schmid, hoofd van het Fraunhofer Instituut voor Windenergie en Systeemtechnologie (IWES). Zo is het mogelijk in 2050, dat vrijwel alle personenauto's in Duitsland elektrische auto’s zijn, maar voor het zware vrachtvervoer, schepen en vliegtuigen is dat moeilijk. De kwestie van opslag van energie is nog niet voldoende onderzocht. Hij verwees naar waterstof en methaan, die gedurende een overmaat aan windenergie geproduceerd kunnen worden als een technisch mogelijke oplossing.