13 sep. 2010

Wat zal er gebeuren met Basel III ?



Twee jaar na het begin van de bankencrisis hebben de centrale bankiers en toezichthouders van 27 landen overeenstemming bereikt over verscherping van de regels voor financiële instellingen. Na het huidige Basel II wordt dit concept Basel III genoemd.
Maar wat zal er veranderen en is het genoeg?
De onderhandelingen in Basel waren bedoeld om de veiligheidsregelingen voor banken te verscherpen. De instituten zullen om hun risico's af te dekken meer eigen middelen moeten hebben en zelf moeten en kunnen ingrijpen om geen aanspraak te hoeven maken op de belastingbetaler. Zoals het ging, ging het vies fout en dat mag niet nog eens gebeuren. In de meeste gevallen moet het geld dat de schatkisten hebben opgehoest voor de reddingsoperatie nog worden terugbetaald en toch is doorvoering van zwaardere eisen aan de banken nu noodzakelijk.

Wat is Basel III ?
Het is een concept regeling en ieder land dient die nog om te zetten in een wet. Dan is het beter dat je het er van tevoren over eens bent hoe dat gedaan moet worden en je kunt een gezamenlijk autoriteit gebruiken om op die eenduidige wetgeving toezicht te houden. Dat is belangrijk voor het internationale geldverkeer. Onder Basel II moet het kernvermogen van een bank 4% zijn van het uitstaande kapitaal. Dat is de Capital Ratio, de verhouding tussen het eigen vermogen en de uitstaande verplichtingen. Onder Basel III wordt dat 8%, maar dat is niet alleen zomaar het dubbele. Het is wel zo dat je met 8% kernvermogen 12,5 keer zoveel geld kunt uitlenen. Daarmee heeft de bank verplichtingen ten opzichte van degenen die het kapitaal hebben ingelegd (spaarders en aandeelhouders) en de bank moet 8% daarvan zo kunnen ophoesten en voldoende winst maken om dividend en spaarrente uit te keren.
Nu is er een verschil in stille of zachte inleg en harde inleg van kapitaal. De zachte inleg is geld dat door de inlegger op korte termijn kan worden opgenomen en daar betalen banken minder voor dan voor harde de inleg van obligatie- en aandeelhouders. De nieuwe eis is dat een veel groter deel van het kernvermogen hard moet zijn, wat ook kan door het aanhouden van de winst, minder dividend of minder kredietverstrekking. Voor Duitsland, met een lange traditie van spaarkassen en coöperatieve banken die geen aandelen uitgeven, is dat een wat lastiger zaak dan in andere landen. Momenteel is de gemiddelde harde kapitaalbuffer 2,5%. Dat moet met 2-6% omhoog. Deze instellingen hebben dan ook tevoren gewaarschuwd dat het de kredietverstrekking zal beperken. De Duitse bankenvereniging heeft nochtans uitgerekend dat er slechts een rem op de economie van 0,2% van zal uitgaan.
Als dat uitkomt is het te overzien, maar de gedachte is dat een bank door krediet te verstrekken toch winst moet maken. Het alternatief is echter meer speculeren met hoger rendement en hoger risico en dat kan de bedoeling van Basel III niet zijn.
Bitter genoeg, kan voor sommige landen en afhankelijk van de omstandigheden een extra buffer van 2,5% vereisbaar zijn.
Zo is dus zowel het niveau als de samenstelling van het kernvermogen aangepast met enig voordeel voor beursgenoteerde bedrijven. Echter, aan banken die belangrijk zijn voor het voortbestaan van het hele systeem (too big to fail), kunnen ook extra eisen gesteld worden. Zo is er ook een bovengrens gesteld aan de schuldenpositie. Banken werken niet alleen met eigen geld en dat van hun aandeelhouders, maar ook met geld dat ze van een andere instelling lenen. Zolang de zaken goed gaan, kan daarmee extra winst gegenereerd worden, maar als het fout loopt sleurt de ene instelling de andere mee. Dat hogere rendement brengt ook extra risico met zich mee en dat extra risico moet worden afgevangen door het schuldenplafond van een instelling.
Er blijft natuurlijk nog genoeg te gokken over, maar Basel III is niet bedoeld om paranoïde hebzucht in de ban te doen.