7 apr 2008

Free Trade maar ook Fair Trade


Hillary Clinton is tegenwoordig fel tegen vrijhandelsverdragen en dat wil ze de arbeiders laten weten die nu op haar moeten stemmen in de voorverkiezingen. Ze geloven haar.
Vreemd, nu de leider van haar campagnestrategie het veld moest ruimen, omdat het zijn werk was Bush en de Colombiaanse regering te helpen een vrijhandelsverdrag heelhuids door het Congres te jagen. De arbeiders zijn er tegen, omdat zij hun banen zien verdwijnen naar lagelonenlanden. Obama wil wel vrijhandel, maar dan anders, met vergelijkbare lonen, zonder kinderarbeid, met milieuvoorschriften als in Amerika, met vakbondsrechten en zorgverzekeringen, zodat er van een eerlijker competitie sprake kan zijn. Als Colombianen echt veel beter kunnen werken, dan Amerikanen, tja, dan winnen zij. Wel vrijhandel, maar dan eerlijk, dus anders en zonder de bedrijven extra belastingvoordelen te geven als ze werk naar het buitenland verplaatsen. Dat verhaal is te ingewikkeld voor arbeiders. In de senaat loopt hun stenmgedrag over vrijhandel synchroon.
We maken het simpeler:
Hillary Clinton heeft de voorverkiezing in Ohio gestolen met valse informatie over haar van harte gegeven steun voor het North American Free Trade Agreement (NAFTA). Dat had Bill Clinton tot een speerpunt van zijn beleid gemaakt en nu Hillary haar agenda over de jaren in het Witte Huis openbaar moest maken, bleek dat zij NAFTA op verscheidene bijeenkomsten actief gesteund heeft, maar ze blijft rustig glashard liegen dat ze ertegen was. Als dat zo zou zijn valt niet uit te leggen dat president Bill zijn vrouw bij die bijeenkomsten liet zijn. Op 10 november 1993 sprak ze op zo’n bijeenkomst een vergadering van 120 personen toe en ze was in 1993 nog bij drie andere bijeenkomsten. Dat ligt vast, zwart op wit. Op 20 november 1993 passeerde het voorstel de Senaat. Hillary had 10 dagen daarvoor de senatoren dus overtuigd en zo had ze een groot aandeel in NAFTA. Met haar gezondheidsplan was ze minder voorspoedig en daarna betrok Bill Clinton haar niet meer bij beleidszaken en was ze een First Lady als gebruikelijk, puur ceremonieel en representatief.
David Axelrod, Mr. Obama’s chief strategist, called the White House schedules “direct, incontrovertible evidence that Senator Clinton was, in fact, actively involved on this issue.”
“This is a question of political character,” Mr. Axelrod said. “We all remember the press conference that Senator Clinton had in Ohio 10 days before the election, in which she said with great theatricality, and waved her finger at the TV screen and said, ‘Shame on you, Barack Obama.’ ”
[…] Mr. Singer criticized Mr. Obama over a meeting that Austan D. Goolsbee, his senior economic policy adviser, conducted with Canadian officials last month in Chicago.
A memorandum written by a Canadian official surfaced after the meeting, suggesting that Mr. Goolsbee had assured the Canadians that Mr. Obama’s stance on Nafta was “more reflective of political manoeuvring than policy.”
“Instead of attacking Senator Clinton,” Mr. Singer said, “Senator Obama should explain to the American people why his top economic policy adviser was telling the Canadians that his promise to fix Nafta shouldn’t be taken seriously.”
Bill Burton, a spokesman for Mr. Obama, responded, “As we have said and the Canadian Embassy and prime minister have confirmed, nothing that anyone from our campaign said was in any way interpreted as a departure from Obama’s consistent public position to get tougher labor and environmental standards into the agreement.”

Het voorval heeft grote indruk gemaakt in Ohio, waar beide kandidaten in een nek-aan-nekrace verwikkeld waren. Het was Clinton die eerst contact opnam met de Canadezen, om hen gerust te stellen, dat zij NAFTA niet zou openbreken, maar iets tegen die arbeiders zeggen moest, vanwege de verkiezingen. Dan vraagt zo’n ambassadeur natuurlijk ook even bij Obama, hoe die erover denkt en Clinton neemt aan, dat zij wel weet wat voor antwoord Obama dan geeft. Obama stuurde zijn specialist voor een ophelderend gesprekje, maar het probleem zit niet bij de Canadezen, wel bij de Mexicanen. Zonder iets af te doen aan zijn belofte aan de arbeiders, dat hij Nafta zou openbreken voor nieuwe onderhandelingen, kon Austan D. Goolsbee de Canadezen geruststellen. De Canadese arbeiders zitten met hetzelfde probleem als die in de VS, behalve dan – dat scheelt heel veel – dat Canadese bedrijven geen extra belastingvoordelen krijgen van hun regering, want stelen van de armen, om de rijken nog rijker te maken, is in Canada wat minder populair als overheidsmaatregel. Voor Bush is het routine en McCain gelooft er ook heilig in.
“The bottom line,” said Lori Wallach, director of the Global Trade Watch division of Public Citizen and a fierce free trade foe, “is neither of the current Democratic candidates were in the category of leaders fighting for improving U.S. trade policy to try to come up with different terms for globalization, but in the course of their campaign they have come to see both the political necessity and the substantive problems, pushing them to some interesting new thinking.”

Zo, daar gaat het over, maar het problem is, dat Hillary een valse voorstelling van zaken geeft, om daarmee bij haar kiezers beter te scoren.
In the minds of hard-core opponents of free trade, both Mrs. Clinton and Mr. Obama have checkered records in the Senate on trade agreements. Both voted against the Central American Free Trade Agreement but supported a trade pact with Peru last year, citing the inclusion of labor and environmental provisions that were not part of Nafta.

En dat is wat Obama bedoelt met wel vrijhandel, maar dan anders. Free Trade, maar ook Fair Trade.

He Is OUT ! ! !


http://edition.cnn.com/2008/POLITICS/04/06/clinton.campaign/index.html
Het fascistische zwijn Mark J. Penn ligt eruit. Daar zal de campagne van de Billarygang van opknappen, maar te laat. Maggie Williams zal zich niet eerder in haar leven zo fijn gevoeld hebben als nu zo mocht vertellen dan Penn een flinke schop onder zijn ontaarde reet gekregen heeft.
"After the events of the last few days, Mark Penn has asked to give up his role as chief strategist of the Clinton campaign," Williams said.
Penn is de CEO van de public relations multinational Burson-Marsteller en president van Penn, Schoen and Berland, zijn firma van politieke adviseurs. Hij blijft vanuit deze laatste functie nog wel adviseren, maar hij zit niet meer in het campagneteam. Kortom, hij blijft nog heel veel zwijggeld verdienen voor een schijntje werk, maar dat geeft niet, want Hillary en Bill verdienen genoeg om hem te betalen.
Hoe komt dat nu zo, hè?
Afgelopen vrijdag had Penn een ontmoeting met een vertegenwoordiger van één van zijn andere cliënten, de ambassadeur van Colombia, over de handel tussen de VS en Colombia, een onderwerp waar Clinton in haar campagne kritiek op uitgeoefend heeft. Penn noemde de ontmoeting een “beoordelingsfout die niet herhaald zal worden.” Kijk, van Penn zijn we niet anders gewend dan beoordelingsfouten. Je kunt zeggen dat zijn hele bestaan een beoordelingsfout is en het is eveneens een beoordelingsfout om zo’n man, waarmee Pointer nog niet in één zaal gezien wil worden, aan te stellen.
De Billarygang was heel kritisch op Obama in februari, toen gezegd werd, dat Obama tegen de Canadezen gezegd zou hebben, dat, wat hij in de campagne zei over de NAFTA, in de praktijk met een korreltje zout genomen moet worden, maar, naar later bleek, heeft niet Obama, maar Hillary zelf zo’n contact met die boodschap aan de Canadese ambassadeur gehad.
Dat is nu typisch zo’n spelletje van campagnestrateeg Mark Penn, uiteraard bedoeld om Obama in diskrediet te brengen, want reeds uitgelekt was, dat één van de kandidaten daarover met de Canadese ambassadeur contact had gehad. Die kon er zelf om diplomatieke redenen niets over zeggen, ontkennend, noch bevestigend.
Penn zei vrijdag, dat Clinton’s oppositie tegen het US-Colombia pact, dat Bush in het Congres probeert erdoor te drukken, “helder is en niet besproken werd” tijdens de discussie met de ambassadeur. De woordvoerder van Clinton, Mo Elleithee, zei dat de ontmoeting niets met de campagne te maken had. Maar Gouverneur Ed Rendell van de sleutelstaat Pennsylvania, op dit moment de belangrijkste steun voor Hillary, suggereerde zondag dat Penn moest opdonderen.
"I think you've got to make it very clear for someone who is a consultant, who you are representing and who you are not representing, and I would hope that Mr. Penn, when he talked to the Colombians, made that clear. And it doesn't sound to me like he did, and that's something the campaign should take into question," Rendell told NBC's "Meet the Press."

Toen had Penn het zelf ook door.
Het kwaad is echter reeds grotendeels geschied.
Mark Penn should have been fired back in September and again in January. He should have been fired after Super Tuesday, and fired after the 11 contests that followed. He should have been fired before Texas and Ohio, and fired twice after. Instead, he wasn't fired until April 6th, two weeks before the Pennsylvania primary, when no change in strategy could possibly change the outcome.
schrijft Huffington Post
Penn was een ramp voor de Billarygang en een schande voor de Democratische Partij.

De Newe York Times had een nog wat meer uitgebreid bericht:
Mr. Penn, who was widely disliked by Mrs. Clinton’s fiercest loyalists and had bitterly feuded with many of them, sealed his fate last week by meeting with officials from Colombia, which hired him to help secure passage of a bilateral trade treaty with the United States that Mrs. Clinton, a senator from New York, opposes.
Mr. Penn met with the Colombians in his role as chief executive of Burson-Marsteller, a global public relations firm. He has refused to sever his ties to the company, which also represented Countrywide Financial, the nation’s largest mortgage lender, and through a subsidiary represented Blackwater Worldwide, the military contractor blamed for numerous civilian deaths in Iraq.

Kijk, als Pointer schrijft dat het een rotzak is, dan lees je het nu ook eens van een ander.
Clinton Campaign Statement
Maggie Williams, Senator Hillary Rodham Clinton’s campaign manager, released the following statement Sunday night:
After the events of the last few days, Mark Penn has asked to give up his role as Chief Strategist of the Clinton Campaign; Mark, and Penn, Schoen and Berland Associates, Inc. will continue to provide polling and advice to the campaign.
Geoff Garin and Howard Wolfson will coordinate the campaign's strategic message team going forward.

Fired UP, and Ready to Go


Fired Up, Ready to Go
Fired Up, Ready to Go by
Joe and Jon Bergevin - Bergevin Brothers Music
is licensed under a
Creative Commons Attribution-Noncommercial-Share Alike 3.0 United States License.

By: Bergevin Brothers Music

Fired Up, Ready to GoFebruary 2007

A slim man, arms stretched toward heaven
Looking up this soaring peak,
The crowd hushed and he did speak, he said
Fired Up, Ready to Go
The time is now, the world we know
Is greater than here where we stand, let’s
Join together, all our hands,
And lift each other up above
Let’s restore hope and love
For every woman, child and man,
We can do it, yes – we – can, we are…

Fired up, ready to go
Fi – ered – up , ready to go
Reach higher, up we will go
We are, fiiiiiiired up, ready to go

Bound by a common past
Ties that we have built to last
Some sacrifice, each man
All united, here we stand
We do believe, and we embrace
Everyone, creed, color, sex and race
We are here through other’s pain
And still we live the dream again
Working together, every day
We can change the world this way
All the struggles, smiles and pride
Lead us to the other side…we are

Fired up, ready to go
Fi – ered – up , ready to go
Reach higher, up we will go
We are, fiiiiiiired up, ready to go

(Choir sings call and response)
Fired Up
Fired Up – Ready to Go
Fired Up
Fired Up – Ready to Go
Fired Up
Fired Up – Ready to Go
Fired Up
Fired Up – Ready to Go
16 bars of Guitar Solo…, then…
We can do it, yes we can…We can do it, yes we can
(Simulataneously…)
We can do it, yes we can…We can do it, yes we can
They said this day would never come.
They said our sights were set too high.
You said the time has come to
move beyond…
move beyond,
move beyond
Up the mountain one and all
Last man hears the front man’s call
Up toward where all can see
The beauty of equality, now we
Rise up, mornin’s come
The time is now, join everyone
The time has come to move beyond
To meet the challenges head on
Listen, learn and cross the lines, we will
Work to leave no one behind
With our hearts and with our minds we will
Reach the top and we will find, we are…

(4X)
Fired up, ready to go
Fi – ered – up , ready to go
Reach higher, up we will go
We are, fiiiiiiired up, ready to go

We can do it yes we can,
Every boy, girl, woman and man
Fired Up! Ready to Go.

Rise Up!


Rise Up!
Lyrics & Music, Joe; Music & Arrangement, Jon)
Originally written on Feb. 1st, 2008.

We the people of the United States, in order to form a more perfect union, establish justice, insure domestic tranquility, provide for the common defense, promote the general welfare and secure the blessings of liberty to ourselves and our posterity do ordain and establish the constitution for the United States of America.

We the people, believe words are not cheap
If we pause for a moment before we do speak
It shows we have vision and judgment to lead
We are the people, all of us need

Rise Up, (rise up)

Hope, Child – In You, Child – We do Believe, Child – And Trust, Child

Rise Up, daylight breaks
We feel it in our bones, goodness sakes
We’ve got some work to do today, rise up, (rise up)
Today the groundwork we’ll lay, we rise up, (rise up)

Rise Up, (rise up) Lift our hands
Everybody get up now, cross this land
We’ve got our jobs to do each day, rise up
(rise up, rise up, rise up)
And our work will lead the way while we rise up
(rise up, rise up, rise up)

This is our moment
Day has broken
Rise up all, stand up tall
We look up from work
We are with each other
We work and live together
Life just works this way
Ohhh, rise up…
Ohhh, rise up, today!

Hope, Child
– In You, Child
– We do Believe, Child
– And Trust, Child

Rise up, (rise up) night is gone (rise up)
Stretch and look outside, look beyond (rise up)
[Stop the hope-child part]
We’ve got some cleaning up to do, rise up (rise up)
Now we dig in to something new, rise up (rise up)

Rise up (rise up), raise your head (rise up)
It’s time to drink (rise up) up life and then get fed (rise up)
So we can keep our body strong, rise up (rise up)
Tend to the world that we belong, rise up (rise up)

(2X)
Hope – We believe in
Change – We believe in
Work – We believe in
Us – We believe in

Rise up, (rise up), see our eyes (rise up)
Let’s pull each other close, (we will rise)
(We will rise, rise up today) mornin’s come
Let us work and hope and pray, To heal us some

(2X)
This is our moment
(We are rising)
Day has broken
(Daylight breaks)
Rise up all, stand up tall
(Soaking up the day it makes)
We look up from work
(We are rising)
We are with each other
(Light the way)
We work and live together
(Clear a path of hope today)
Life just works this

Ohhh, rise up…
Ohhh, rise up, today!

Gonna rise and help each other thru the day
It’s gonna make it easier this way
Gonna rise and help each other thru the day
It’s gonna make it easier this way

(4X)
Hope – We can believe in
Change – We can believe in
Work – We can believe in
Us – We can believe in

(2X)
Hope
Change
Work
With Us

We are the people, all of us need
Rise Up, (rise up)

6 apr 2008

Hillary "scatterbrain" Clinton: "No Pledged Delegates"


De voormalige senator John Melcher had geen haast om partij te kiezen tussen Hillary Clinton en Barack Obama, totdat hij de laatste maand, toen de voorzitter van de Democratic National Committee Howard Dean de superdelegates opriep een beslissing te nemen voor 1 juli.
"So after two days of that, I agreed with him that maybe I should, so I did," said Melcher, who announced Wednesday that he will support Obama, based on the candidate's early opposition to the Iraq war.

Pointer is wat sceptisch over zulke “redenen”. Goed, Clinton zat fout met haar steun aan de militaire roofoverval op Irak, maar daar is ze inmiddels op teruggekomen en inhoudelijk zijn de verschillen niet groot. Het gaat om het karakter en de instelling van de kandidaten der Democratische Partij, niet om de politieke verschillen.
Melcher en een handjevol hoog geprofileerde Democraten hebben onlangs kleur bekend in de wedstrijd om de presidentiële nominatie. Weinig van de andere supergedelegeerden blijken vóór de voorverkiezingen in Pennsylvania op 22 april daarin mee te gaan en veel daarvan hebben gezegd te willen wachten tot de voorverkiezingen allemaal voorbij zijn in juni. Pas dán zullen zij hun keus bepalen.
Veel van de ongeveer 320 partijleiders en gekozen officials, die nog niet gekozen hebben, geven een aantal verschillende redenen daarvoor. Ze kunnen moeilijk kiezen tussen twee goede kandidaten (een slijmerig rotsmoesje); ze willen zich niet tussen de vrije beslissing van kiezers en hun favoriete kandidaat indringen (een nog wat slapper argument) of ze denken dat de verlengde verkiezingsstrijd juist goed is voor de partij. Dat is volgens Pointer een interessant gezichtspunt.
“Er is heel wat gaande in de kookpot van de strijd tussen beide kandidaten, wat op de langere termijn goed kan uitpakken,” zegt senator Sherrod Brown uit Ihio, die nog geen kleur bekend heeft en hij wijst daarbij op de 26.000 nieuw geregistreerde Demokraten in zijn Cuyahoga County in Ohio. “Nee, ik heb geen haast.”
Maar andere Democraten van de hoogste rang hebben wel haast, omdat ze bang zijn, dat de strijd in de voorverkiezingen de positie van de kandidaat algemene verkiezingen kan aantasten en daarmee ook de kans van de partij tegen de Republikein, senator John McCain uit Arizona, die de nominatie officieus al op zak heeft en dan zijn er ook nog gelijktijdig de congresverkiezingen met alle campagnes daarvoor.
“Wat je nu ziet, is, dat er verdeeldheid gezaaid wordt, die wellicht moeilijk goed te maken is,” zegt afgevaardigde Chris Van Hollen, voorzitter van de Democratic Congerssional Campaign Committee. “Wij zouden een betere positie hebben, als we de aandacht van het publiek zouden richten op McCain, in plaats van op de verschillen tussen onze twee kandidaten voor de nominatie, waardoor de uiteindelijke nominee kan worden geschaad.”
“Ik wil ook niet meemaken, dat onze congreskandidaten en passant schade oplopen,” voegde hij nog toe. “Indien het enthousiasme en de energie van de kiezers opraakt, hebben we een probleem.”
De laatste supergedelegeerden hebben zich voor Obama verklaard, die stilaan bezig is zijn achterstand in steun van de partijelite in te halen, maar Obama’s voorspoed heeft zich niet zo snel ontwikkeld, als velen hadden verwacht, na zijn krachtige overwinningenreeks van superdinsdag van 5 februari en vervolgens met 11 overwinningen op rij.
Vanaf vroeg in december hebben supergedelegeerden zich achter beide kandidaten geschaard. Hillary Clinton had darbij direct een grote voorsprong. In maart zijn er voor Obama 14 bijgekomen, terwijl Clinton er 9 bij kreeg, waarmee de stand respectievelijk op 221 tegen 251 is gekomen.
Volgelingen van Clinton zeggen, dat het komt, doordat Obama verloren heeft in Ohio en Texas, sommige diehards noemen daar ook Florida en Michigan bij, maar dat geeft een vals beeld, omdat beide laatste staten gediskwalificeerd zijn wegens het schenden van de regels en in Texas heeft Obama zelfs overall gewonnen door zijn overwicht in de caucusses. De Billarygang heeft een speciale manier om kiezers niet mee te tellen, die netjes gestemd hebben en kiezers, die gediskwalificeerd zijn door de regels te overtreden, juist wel nee te tellen. In Michigan, bijvoorbeeld, kon de kiezer niet eens op Obama stemmen, omdat hij niet op de lijst stond. Dat zet voor Hillary natuurlijk geen zoden aan de dijk, maar het verzacht het beeld, dat langzamerhand voor Clinton hopeloos is geworden. Om nog gelijk te komen, moet ze in het vervolg alleen nog maar enorme overwinningen boeken, met een verschil van meer dan 20%.
Maar..., door vol te houden dat Obama ook in Texas verloren heeft, wordt de suggestie gewekt dat Obama in de algemene verkiezingen geen kans maakt, ook weer met de redenering dat stemmen, die in de kleinere staten worden uitgebracht, eigenlijk niet geteld hoeven worden, nog afgezien van hun idee dat racisme ook afgestraft moet worden, dus als een zwarte op de zwarte Obama stemt. Een zwarte is alleen geen racist als hij/zij op een blanke stemt. Dat is het idee en nieuw geregistreerde Democraten mogen volgens Clinton ook niet meetellen, want die behoren nog niet tot de vaste kern van de partij. Aldus gaat Hillary Clinton in haar eigen redenering stevig aan de leiding en nu heeft ze ten overvloede er nog iets bij bedacht.
Als op grond van de stemmenverhoudingen gedelegeerden aan verschillende kandidaten worden toegewezen, (ze noemen dat pledged delegates) kunnen die gedelegeerden best op de conventie voor de andere kandidaat stemmen. Daarmee is de kiezer in de voorverkiezingen dus geheel uitgeschakeld. De gedelegeerde wordt niet meer gedelegeerd maar losgelaten op de conventie. Het vraagt om een ingrijpende wijziging van de reglementen tijdens de wedstriojd, om Hillary Clinton te laten winnen, maar, ach, dat moet dan maar. Want dat Hillary de nominatie wint is belangrijker dan de wederkomst van Christus.
“Als je in de voorverkiezingen niet kunt winnen,” vragen de Clintonians zich ook af, “hoe kun je dan in de algemene verkiezingen winnen?”
Het idee is, dat met deze redeneringen Clinton de voorverkiezingen gaat winnen, dus die kritische vraag geldt niet voor haarzelf. Daar gelooft Hillary echt in – anders zou ze het bijltje er wel bij neergegooid hebben – en moet zo’n warhoofd (scatterbrain Hillary: “there are no pledged delegates, only delegates!”) dan president worden?
De 14 supergedelegeerden, die in maart bij Obama gekomen zijn, zeggen dat ze dat onafhankelijk van elkaar gedaan hebben. De belangrijkste, Bill Richardson uit New Mexico, zelf eerder in de race als kandidaat afgehaakt en de hoogste Latino van het land, werd door de Billarygang Judas genoemd, de verrader van Christus. Je vraagt je wel af: wie is de Jezus dan, Hillary of Bill?
De Billarygang gaat ervan uit, dat Hillary recht heeft op de supers die hun positie tijdens het bewind van haar man verworven hebben. Richardson was in die tijd onder andere ambassadeur bij de Verenigde Naties. Bill Clinton voelt zich zwaar op zijn pik getrapt, omdat hij nog enkele weken eerder met Latino-Bill naar een sportwedstrijd is geweest. Tja…, shit happens.
Verraad?
Overdreven, vindt Pointer. Als het verraad van Bill Richardson was geweest, zou Latino-Bill in het sportstadion zijn zwaard getrokken hebben, om daarmee met enlekele flinke houwen de ingewanden en geslachtsdelen van Irish-Bill over de tribune uit te spreiden en vervolgens zijn hoofd afhakken. Voor verraad in de politiek zijn er ook regels, als het over de opvolging gaat.
Een andere senator, Robert F. Casey Jr. jawel, uitgerekend uit Pennsylvania, werd door de kandidaten met rust gelaten, omdat ze aannamen, dat hij als nieuweling wel afzijdig zou willen blijven tot het eind van de voorverkiezingen. Maar tijdens de Paasvakantie zag Casey het licht en ging voor Obama, vanwege diens boodschap van verandering, een belijdenis die Casey aflegde in een telefonische boodschap aan zijn kandidaat op Paaszondagavond. Belangrijk, want Casey is erg populair bij de katholieke werkende klasse en dat kan Obama een flinke zet geven in het cruciale Pennsylvania, waar Hillary Clinton nog net aan de leiding gaat, na een snelle slinking van haar grote voorsprong.
Casey kan Obama’s nadeel van een mindere bekendheid neutraliseren, maar wat de uitkomst ook is, volgens Casey wordt de positie van de Democratische Partij bij de eindverkiezingen versterkt in zijn staat. “Ook al verliezen we Pennsylvania,” zegt hij, “even aannemend dat Obama toch de nominatie wint, dan helpt hem dat in de herfst. Als hij hier in deze uitgestrekte en diverse staat niet zo heftig campagne gevoerd zou hebben, zou hij hier bij de algemene verkiezingen met lege handen aankomen.” Die overweging vindt Pointer erg overtuigend en zo blijkt maar weer, dat wie zijn hersens goed gebruikt, vanzelf voor Obama is.
Senator Amy Klouchar uit Minnisota, die zich vorige week achter Obama schaarde, zei dat beide kandidaten “wisten waar ik sta,” maar dat ze haar positie nog niet publiek wilde maken. Ze veranderde van gedachte, omdat ze vond dat de race te lang duurde, maar Afgevaardigde Brad Miller uit North-Carolina zegt juist, dat hij volhoudt ondanks het de harde duels van beide partijen. Hij wil in ieder geval onbeslist blijven tot na de voorverkiezing in Pennsylvania.
Dat wil senator Benjamin L. Cardin ook. Hij is door beide kandidaten gepolst. “Ze hebben dezelfde argumenten,” zegt hij. “Allebei vinden ze zichzelf het meest verkiesbaar in de algemene verkiezingen. Alleen zijn hun namen verschillend.” Pointer vraagt zich af wat een zombie met zo weinig onderscheidingsvermogen eigenlijk doet in de politiek.
Artur Davis is een leidende afgevaardigde in het Huis en supporter van Obama. Hij voorspelt dat een heleboel wetgevers zullen wachten met hun beslissing tot na Pennsylvania, inclusief de Democratisch afgevaardigden in het Huis uit North Carolina en Indiana, waar op 6 mei gestemd wordt. Andere zullen willen wachten tot de laatste voorverkiezingen in South Dakota en Montana op 3 juni.
Maar als Obama dan zijn voorsprong houdt in kiezers en toegewezen gedelegeerden, zal dat direct daarna een vloed van steun teweegbrengen en komt er een vlot einde aan de race. “Het is gewoon praktisch, “ zegt Davis. “Ik denk dat de race op vrijdag 6 juni wel over is.”
Terwijl vele Democraten bezorgd zijn, dat de langdurige veldslag in eigen gelederen de eigen kandidaat zal schaden in de algemene verkiezingen, geloven andere, dat het juist een zegen zal blijken te zijn. Pointer voelt veel voor deze redenering. Democratische kiezers komen in recordaantallen opdraven in de voorverkiezingen en alleen in Pennsylvania zijn al meer dan 230.000 nieuwe partijleden geregistreerd, ongeveer een miljoen in het hele land. Belangrijker nog is, dat zowel Obama als Clinton noodgedwongen in alle staten uitgebreide organisaties onder het gewone volk hebben opgezet, die heel rap in actie kunnen komen bij de algemene verkiezingen.
Inmiddels is gebleken, dat Obama tijd nodig heeft, om zijn bekendheid en zijn boodschap te laten doordringen en dat die tijd dan sterk in zijn voordeel werkt. Vanaf begin juni is er tijd zat tot november en laat McCain dan maar dommelen tot het menens wordt, niet wetend wat hem nog boven het hoofd hangt, met een economie in verval en een oplossing of overwinning in Irak nog niet in het verschiet. Onze troubadour van het droevige lied zegt terecht: "de tijd heelt alle wonden, maar slaat er nog veel meer." In dit geval vallen de slagen van de slechte omstandigheiden onder de republikeinen. 81% van de Amerikanen vindt dat hun land de verkkeerde kant op gaat. 9% weet het nioet zeker, dus je hebt nog maar 10% vrolijke Amerikanen over onder de Republikeinse Bush-administratie.
Er is al een nieuwe groep ontstaan: de Obama Republicans.
Obama Girl zorgt voor een feestelijk videootje

4 apr 2008

Soms Is Eergevoel Glad Verkeerd


“We’re in it and now we must win it,” is een citaat van John McCain en het wordt aangehaald door één van zijn grootste bewonderaars, Frank Schaeffer, auteur van boeken als:
AWOL – The Unexcused Absence of America’s Upper Classes From Military Service, And How It Hurts Our Country.”
“Keeping Faith – A Father-Son Story About Love and the United States Marine Corps en
Faith Of Our Sons – A Father's Wartime Diary
Hij zegt ook: “Het maakt me droevig dat ik McCain niet kan steunen.”
Een bekeerling dus.
“Mijn eigen stomme fout was dat ik in een vroeg stadium de oorlog in Irak heb gesteund, wat een goed voorbeeld is hoe loyaliteit met de militaire code (ook door osmose) iemands oordeel kan beïnvloeden. In die tijd schreef in verschillende kritische stukken in de Washington Post waarin ik degenen die tegen de oorlog waren bekritiseerde. Ik was fout. Mijn enige excuus is – en dat is geen goed excuus – dat mijn zoon bij het Korps Mariniers zat en ik zijn vrijwillige dienst wilde verdedigen en steunen.”
Het probleem is dat McCain zichzelf niet ziet als een burger. Hij was, is en zal altijd in zijn geest bepaald worden door zijn militaire code. Dit zou in het algemeen een grote kwaliteit zijn voor een admiraal, zoals zijn vader was en zijn grootvader en mogelijk zelfs voor een president in vredestijd, maar het is catastrofaal voor een president in oorlogstijd. Er is een goede reden, waarom de stichters van Amerika wilden dat militairen een burgerlijk leiderschap zouden aanvaarden.
McCain denkt over zichzelf in termen van eer, dienstbaarheid en opoffering. Deze eerwaardige abstracte ideeën zijn uitstekende eigenschappen voor een leidinggevende officier of voor medici die voor de gewonden op het slachtveld zorgen, maar eer voorop, gevolgd door dienstbaarheid en opoffering, zijn verkeerde codes om richting te geven aan de nationale politiek. Het is slecht voor de wereld in de besluitvorming van burgerlijk beleid, ook slecht voor de militairen zelf.
McCain is van een generatie militairen die zwaar gewond is door een andere slecht verlopen oorlog, een oorlog waarin McCain zelf een hoge en heroïsche prijs betaald heeft, maar is een ander debacle in Vietnam stijl te verkiezen boven een catastrofe? En wat als dat debacle voortkomt uit de botte weigering om toe te geven dat je gefaald hebt of maar toe te geven dat het fout was om er ooit aan te beginnen? Wat als er in militaire stijl geen eer aan te behalen valt? In deze zin zullen de persoonlijke ervaringen van McCain tegen hem werken en tegen het belang van het land.
Mark Benjamin heeft dezelfde opmerking in "McCain's Vietnam Obsession."
A look at his record shows that [McCain] subjects every major foreign-policy decision to a Vietnam-derived test ... summed up by the McCain quote, 'We're in it, now we must win it.'
So entrenched are those lessons that McCain sounds, at times, like he wishes they could be applied retroactively. 'We lost in Vietnam because we lost the will to fight, because we did not understand the nature of the war we were fighting, and because we limited the tools at our disposal,' McCain said at a speech on Iraq at the Council on Foreign Relations on Nov. 5, 2003. And for that reason, it might be advisable to take him at his word when he says he'll stay in Iraq for 100 years...

McCain lijkt bereid te zijn om de toekomst der VS op te offeren aan zijn persoonlijk eergevoel. Eer houdt het militarisme op dreef. Eer is wat een militair het hardst nodig heeft. Maar militaire eer vertaalt zich niet in de ingewikkelde wereld van het dagelijks leven, laat staan in de politiek. Daarom besloot president Truman dat generaal McArthur te weinig ondergeschikt opereerde en onthief hij hem van zijn commando op 11 april 1951. Truman was niet gediend van militaire eer. De Chinese communisten waren wel slecht. Miljoenen Noord-Koreanen stierven een verschrikkelijke dood omdat Truman geloofde dat de geallieerde strijdkrachten de Koreaanse oorlog niet konden winnen. Sommige Amerikaanse militairen werden zelfs letterlijk in de Noord-Koreaanse kampen in de steek gelaten. Er woedde een storm van controverses. Truman verloor Noord-Korea werd er gezegd.
De geschiedenis toont aan dat Truman gelijk had en dat hij waarschijnlijk een derde wereldoorlog heeft voorkomen. Hij dacht aan het Amerikaanse volk, niet aan het lijden van de Noord-Koreeanen. Wij willen geen president die ten koste van alles wil winnen. Wij willen geen president die in zichzelf een volgende Winston Churchill ziet. Churchill vocht in de Tweede Wereldoorlog voor het voortbestaan van zijn land en deze droevige oorlog in Irak is geen wereldoorlog, evenmin als de Koreaanse oorlog dat was. Het is geen zaak van leven of dood voor het Westen, maar een verschrikkelijke vergissing van een verschrikkelijke president.
Irak heeft de VS of Europa nooit aangevallen en het had niets van doen met 9/11 of Al-Qaeda. De terroristen waren niet in Irak zolang Saddam Hoesein aan het bewind was. De oorlog heeft de deur voor de terroristen juist geopend. De democratie wordt niet naar Irak gebracht en de oorlog was een domme keus die werd gedaan voor een land dat je niet kunt regelen met militaire macht. Het werd een volkomen onnodig fiasco. Iedere kandidaat die dit nog steeds niet toegeeft, zou onmiddellijk moeten worden gediskwalificeerd voor het presidentschap.
De volgende president erft de rotzooi die door George W. Bush is ontstaan met ferme steun van de senatoren McCain en Clinton en van andere leden van het Congres. Om uit de door hen geschapen rotzooi te komen, is er goede oordeelsvaardigheid nodig en het aantal in Washington doorgebrachte jaren geeft daarvoor kennelijk geen garantie.
Bovendien heeft Amerika een volkomen nieuwe start nodig en van de drie overblijvende kandidaten kan alleen Barack Obama daarin voorzien. Alleen Barack Obama heeft laten zien over goede oordeelvaardigheid te beschikken. De beslissingen van Clinton of McCain zouden ongetwijfeld beïnvloed worden door de behoefte aan zelfrechtvaardiging en anders dan Obama zijn zij daardoor niet in de positie om het vertrouwen in Amerika bij de rest van de wereld te herstellen.
McCain heeft zijn gebrek aan oordeelvaardigheid naar een nieuw niveau getild door op schoot bij Bush om een overwinning te smeken. Maar Amerikanen moeten geen president kiezen die om de eer tot in het oneindige nog meer opoffering van jongen levens vraagt. Een eindeloos vergeefs gevecht omdat Bush eerst en nu ook McCain niet zeggen kunnen: “Ik was verkeerd bezig.” Daar is natuurlijk moed voor nodig, maar totdat zij kunnen toegeven dat de oorlog op verkeerde gronden begonnen is, de fouten zijn verdedigd met leugens en eindeloze herhaling van het woord eer, is dat begrip een holle frase.
Er is een nieuwe Truman nodig, niet een nieuwe McArthur.
Een Amerikaanse president moet het Amerikaanse belang dienen en niet de principes van zijn gewonde trots. Niets is zo misplaatst, als een groot man in de verkeerde tijd, speciaal een oude man, die leeft in zijn verleden en vergeten schijnt te zijn, dat het behouden van eer, gebaseerd moet zijn op de waarheid.
It is time for America to draw a line under the Bush years not add to them! We may have to watch in horror as the Iraqis commit mass suicide. So be it. It's not clear that our continued presence in Iraq could prevent that suicide.
What is the alternative? Bleed our treasury dry? Sell our future to the Chinese as we borrow more and more money? Lose more and more American men and women? Rule the Middle East forever, while we destroy our economy to do it? Hand the whole region over to Iran, the one country that is, so far, the only real winner of Bush's war? Fight forever because Bush and now McCain, can't say the simple words; "I was wrong?"

3 apr 2008

Wegwijs


foto: John “Watsamatta” Yoo
Zie ook Cal It the Abu Ghraib Memo
Het Amerikaanse Departement van Justitie stuurt een regelwijziging naar het Pentagon. Volgens de wet mag er bij ondervragingen niet gemarteld worden, maar dat vindt het Pentagon nogal ongemakkelijk in de War on Terror, omdat terroristen zelden of nooit vrijwillig informatie afgeven over wat er nog gaat komen of wat anderen van plan zijn. Deels kunnen ze dat ook niet, omdat ze er niets van weten. Al-Qaeda, bijvoorbeeld, is een organisatie van cellen. Binnen een cel werkt men samen en van andere cellen weet men niets. Ze kennen alleen een contactpersoon, die zelf niet bij acties betrokken is. Als je zo’n terrorist gevangen neemt, kun je hem doodmartelen, maar daar word je niet wijzer van. Geeft niks, zegt John Yoo namens het departement van Justitie. Je mag zoveel en zo gemeen martelen als je maar wilt, als je er achteraf maar geen spijt van krijgt.
Wanneer krijg je spijt?
Wel, volgens John, als je het niet goed doet en je doet het niet goed, als je alleen maar martelt uit sadisme of kwaadwilligheid. Dan krijg je namelijk wroeging, want daar zorgt het geweten voor. Je kunt nooit martelen, zonder je geweten geweld aan te doen, maar dat geweten kun je tot zwijgen brengen, door goed te beseffen, dat je martelt voor een goede zaak en, dat er wel slachtoffers bij sterven, is nu eenmaal het gewone risico van het vak. Martelen, daar is niks mis mee. Of je er iets mee bereikt, ligt aan de instelling van de gevangene of aan de vraag, of hij/zij iets weet wat van belang is. Komt er niets uit, dan heb je er tenminste alles aan gedaan wat mogelijk is.
Stel dat er een terroristische aanslag wordt gepleegd, die je met voorwetenschap had kunnen voorkomen en je hebt een gevangen terrorist niet van tevoren gemarteld, om aan die voorwetenschap te komen. Kijk, dan gaat het geweten wel opspelen, nietwaar? Martelen is dus een zaak van gewetensvol handelen. Het helpt waarschijnlijk niet, maar je hebt dan wel je best gedaan.
Niet martelen is dus erger dan wél martelen.
Je moet er tegen kunnen, maar met denken zoals John “Watsamatta” Yoo lukt dat wel.
Wie denkt er dan zo?
President George W. Bush denkt zo en John McCain is het helemaal met hem eens, maar McCain maakt een uitzondering voor het civiele strafrecht.
Wanneer je Amerikaan bent en stemgerechtigd, dan is dit vraagstuk al genoeg om het stemgedrag te bepalen. Bent u het met de redenering eens, dan bent u Republikein en stemt u op John McCain. In het andere geval bent u Democraat en stemt u op Hillary Clinton of Barack Obama. Met anders stemmen - wat wel kan - hebt u geen invloed.
Zo simpel is het.